Wanneer aan een ander schade wordt veroorzaakt door een persoon die lijdt aan een geestesstoornis die zijn oordeelsvermogen of de controle over zijn daden tenietdoet of ernstig aantast, kan de rechter hem veroordelen tot de gehele vergoeding of tot een gedeelte van de vergoeding waartoe hij zou zijn gehouden, indien hij de controle van zijn daden had.
De rechter doet uitspraak naar billijkheid, rekening houdende met de omstandigheden en met de toestand van de partijen.
Opgeheven met ingang van 1 januari 2025 door de wet 2024-02-07/18, die boek 6 (Buitencontractuele aansprakelijkheid) in het nieuwe Burgerlijk Wetboek invoerde. Hierboven staat de tekst zoals die gold tot en met 31 december 2024. Of hij op een bepaalde situatie nog van toepassing is, hangt af van het overgangsrecht van dat boek.