Indien de langstlevende echtgenoot samen met afstammelingen opkomt en bij schenking of bij testament de volle eigendom van het beschikbaar gedeelte heeft verkregen, heeft deze gift niet tot gevolg dat hij het recht van vruchtgebruik op het overige deel van de nalatenschap verliest, tenzij de schenker of erflater anders heeft bepaald.
Ingeval de langstlevende echtgenoot samen met andere erfgerechtigden of met legatarissen opkomt en giften in volle eigendom heeft ontvangen, behoudt hij op hetgeen van de nalatenschap en van het gedeelte van de vooroverledene in het gemeenschappelijk vermogen overblijft, de rechten die hem zijn toegekend door artikel 745bis, tenzij de schenker of erflater anders heeft bepaald.
Indien de schenker of erflater uitdrukkelijk de wil te kennen heeft gegeven om de rechten van de langstlevende echtgenoot te beperken tot de geschonken of de gelegateerde goederen, kan de langstlevende in alle gevallen opeisen hetgeen noodzakelijk is om zijn voorbehouden erfdeel aan te vullen, in voorkomend geval volgens de waarde van dit erfdeel in kapitaal.
Opgeheven met ingang van 1 juli 2022 door de wet 2022-01-19/18, die titel 3 van boek 2 en boek 4 in het nieuwe Burgerlijk Wetboek invoerde. Hierboven staat de tekst zoals die gold tot en met 30 juni 2022. Of hij op een bepaalde situatie nog van toepassing is, hangt af van het overgangsrecht van dat boek.