Alle wetboeken › Oud BW

INLEIDENDE TITEL EN BOEK I Personen (art. 1–515) › BOEK I - PERSONEN. › TITEL X - MINDERJARIGHEID, VOOGDIJ EN ONTVOOGDING. › HOOFDSTUK II - VOOGDIJ.

Afdeling I - Ontstaan van de voogdij.

389

Art. 389

De voogdij over minderjarigen ontstaat indien beide ouders overleden zijn, wettelijk onbekend zijn, in de voortdurende onmogelijkheid zijn om het ouderlijk gezag uit te oefenen of wilsonbekwaam zijn.

Tenzij deze onmogelijkheid voortvloeit uit een uitdrukkelijke beslissing genomen overeenkomstig artikel 492/1, uit een vermoeden van afwezigheid of uit een verklaring van afwezigheid, wordt ze vastgesteld door de familierechtbank overeenkomstig artikel 1236bis van het Gerechtelijk Wetboek.