Alle wetboeken › Ger.W.

DEEL IV Burgerlijke rechtspleging (art. 664–1385octiesdecies) › BOEK II _ GEDING. › TITEL II _ Behandeling en berechting van de vordering. › Eerste afdeling _ Behandeling ter inleidende zitting.

Afdeling II - (Mededeling) van de stukken.

736–740

Art. 736

De partijen moeten hun stukken aan elkaar (mededelen), alvorens er gebruik van te maken; anders wordt de rechtspleging ambtshalve geschorst.

Behoudens in het geval van artikel 735, moet de eiser deze (mededeling) doen binnen acht dagen na de inleiding van de zaak; de verweerder, wanneer hij zijn conclusies toezendt.

Art. 737

De mededeling geschiedt door het neerleggen van de stukken ter griffie, waar de partijen er ter plaatse inzage van nemen. De mededeling van de geïnventariseerde stukken kan ook in der minne geschieden.

Bij elke mededeling van stukken door neerlegging ter griffie wordt een inventaris ter griffie neergelegd.

Art. 738

(opgeheven)

Art. 739

Behoudens wanneer zij elektronisch werden medegedeeld, geven de partijen de stukken terug uiterlijk binnen de termijn die hun is gesteld om conclusie te nemen.

Art. 740

Alle memories, nota's of stukken die niet ten laatste tegelijk met de conclusies of, bij toepassing van artikel 735, vóór de sluiting der debatten zijn overgelegd, worden ambtshalve uit de debatten geweerd.